zelfbouw: drie seizoens quilt

Hier staat een handleiding voor het zelf naaien van een quilt.
Ik heb de maten gebaseerd op de afmetingen van mijn 'Lafayette' van Valandré. Dit is een donszak met een verschil in grootte tussen de binnen en buitenvoering
(de zgn differential cut). Het maakt de constructie iets complexer maar zo worden koudebruggen vermeden. Een ander voordeel van het kopiëren van een bestaande slaapzak naar een quilt is dat je vrij zeker bent dat hij op maat is.







OVERWEGINGEN EN MATERIAALKEUZE:
-2,5 m ripstop-nylon-daunendicht buitentijk
-2,5 m nylon-taffeta-daunendicht binnentijk
leverancier:extremtextil
-baffle materiaal:no-see-um-gaas. (had ik nog in voorraad maar is ook bij extremtextil te koop.)
-dons:De dons haalde ik bij ateliersdelastour Het is ook de donsleverancier van Valandré.

Ik bestelde 500 gr dons van het type 021000 LD. gemiddeld komt die op een cuinwaarde van 800. Wat niet noodzakelijk slechter is dan de 900 waarde van bv Amerikaanse leveranciers omdat die er een ‘gunstiger’ meetmethode op nahouden. Ik betaalde 93 euro (verzendingskosten inbegrepen) voor 500 gr van duvet 021000 LD (15 euro/100gr).Inmiddels (januari 2012) betaal je 19 euro/100gr.
Voor de bepaling van het aantal grammen dons baseerde ik me op de vulling van een mirage. Deze heeft een –1°C als comfort rating.
Ik stak 400 gr dons in de zak.
Deze verdeelde ik verhoudingsgewijs over de 19 kokers die er door de baffles zijn gecreëerd (een totaal van 24,27 meter)

Andere mogelijkheid van berekenen:
Je bepaalt het totale volume van de ruimte gemaakt door de baffles
Als je weet dat 1oz dons bv 800 kubieke inch donsvulling geeft (dit is de cu.in van 800) kan je het aantal gram dons bepalen.
Gewoonlijk wordt er toch in meer of mindere mate ‘overvult’ omwille van de onvermijdelijke onnauwkeurigheden of om een extra ‘puff’ te realiseren.
Je voelt al aan dat er toch wat adders onder het gras zitten te loeren die dit soort berekeningen alweer wat complexer maken.
Een gevulde donszak heeft tussen twee baffles nooit geen rechte lijn en naarmate de baffles op een verschillende afstand van elkaar liggen zal die vorm alweer anders liggen (en dus ook het te vullen volume)
Na vulling van mijn quilt had ik ‘enkellaags’ een donsdikte van om en nabij de 4,5 cm(voor een bafflehoogte van 2,5 cm)
De baffles stonden op 10 cm van elkaar.
Ze hadden misschien wat verder van elkaar mogen staan(waardoor er gewicht bespaard zou kunnen worden) maar staan de baffles te ver van elkaar dan bestaat het gevaar dat bij te krap gemeten donsvulling er koudebruggen ontstaan doordat het dons 'breekt'.
Vergelijk de afstand bv met de quilts van katabaticgear
Algemeen wordt echter aangenomen dat hoe dikker de donslaag, hoe verder je de baffles uit elkaar mag leggen.
Een ander punt van aandacht bij het bepalen van de juiste maat is dat je extra lengte en breedte in moet lassen omdat na vulling de slaapzak verkort.
De lafayette had ik daarom zowel in de lengte als de breedte opgerekt bij het opmeten.
De totale hoogte (zonder kap) kwam op 192 cm.
Na vulling en losjes op de grond gelegd hield ik een effectieve hoogte van 170 cm over.
Toen de quilt klaar was heb ik eens berekend hoeveel dons ik werkelijk had moeten toevoegen.

Berekening
De quilt is (dichtgeklapt) een trapezium met basis van 66 cm en 47 cm met een hoogte van 175 cm. De donsdikte is gemiddeld ongeveer 8 cm. Dit geeft een volume van 79100 kubiek cm
-1 kubiek inch is 16,38 kubiek cm
-1 ounce is 28,34 gr
-met een gemiddelde cuinwaarde van 800 geeft 28,34 gr dons dus een volume van 800X16,38= 13104 kubiek cm
(79100 gedeeld door 13104)x28,34= 171 gram dons.
Laten we het nog afronden op 200 gr dan zit er zo'n 200 gr dons teveel in verwerkt.
Hij zal wel niet zo snel een ‘plat’ uitzicht geven als hij wat vochtig wordt dan een krap gevulde, maar echt lichtgewicht kunnen we dit niet meer noemen.

OPBOUW:

-1 Binnen en buitentijk:
De stoffen zijn niet breed genoeg om de binnenvoering en buitenvoering uit een deel te maken. Beiden zijn daarom opgebouwd uit drie delen.

Voor je begint te knippen zoek je uit wat de ‘foute’ zijde van de nylonstof is. Deze zijde is meestal gladder en glanzender. De fabrikant heeft deze zijde met warmte bewerkt zodat de stof “downproof” wordt. Op deze kant kan je dan met een stift de lijnen uitgezet waar de baffles worden gestikt. Teken een middenlijn op de lange zijde van de stof en zet daar de maat uit van de trapeziumvormige hoofdvorm van de quilt (vergeet links en recht, onder en bover de extra cm niet die je nodig hebt om de panden aan elkaar te kunnen stikken.)

Doe dit voor de binnen en buitentijk. De binnenvoering maakt je nog eens 2 cm langer. Van deze extra lengte wordt later (dubbelgeplooid) een lip (van 1 cm) gemaakt waar een tochtband aan wordt vastgenaaid.
Die tochtband is een koker die met dons wordt gevuld en zorgt ervoor dat bij het dichtsnoeren van de quilt rond de hals, tocht wordt vermeden.
Het was een vervelend prutswerk om die tochtband aan de lip te naaien. Maak niet de fout die ik deed en doe dit voor je de baffles vult.
De volgende keer zou ik zeker overwegen om de binnenvoering een twintigtal cm langer te maken om die daarna via een naad terug weg te werken zodat er een soort uitstulping ontstaat. De koker die zo ontstaat kan dan met dons worden gevuld. De uiteinden kunnen dan samen met de rest van de quilt worden gedicht.
Zet op beide delen de lijnen uit waar de baffles worden vastgenaaid. Snij de stoffen uit. De overblijvende panden links en rechts worden op maat gemaakt en aan de centrale stof vastgenaaid (ongeveer 6 steken/cm).
Ik gebruik gutermann/polyestergaren en een dunne 60 naald Verleng de uitgezette lijnen van de centrale vorm naar de randen toe
Over het knippen van de stof:
In plaats van de stof met de schaar te knippen sneed ik hem met een soldeerbout uit.
De verschillende draadjes waaruit de stof is opgebouwd, worden dan mooi aan elkaar gelast.
Zo verdwijnt ook grotendeels het gevaar dat de stof begint te rafelen of in het slechtste geval daardoor de naad los komt
Plan je om de stof te knippen dan kom je er niet onderuit dat je de uiteinden om moet plooien alvorens te naaien.
Dit is ook erg bewerkelijk.
Bij silnylon worden de nylondraadjes nog enigszins verenigd door de siliconencoating maar dat is hier niet het geval.

-2 Prepareren van de baffles:
De baffles zijn gemaakt van muskietengaas maar het zou net zo goed met andere stof kunnen. Of het bij ieder gaas zo is weet ik niet maar dit gaas is in een richting heel vormvast (schering) maar in de andere richting amper (inslag); zorg dat de baffles in de goede richting worden uitgeknipt. Het gaas laat zich moeilijk knippen zonder een tussenstap.

Leg het gaas op een vlakke ondergrond en kleef dit links en rechts met (papier)tape vast. Zet om de 3,5 cm een maatlijn (dit is de bafflehoogte met twee maal 0,5 cm voor het vastnaaien van de baffles) Verbindt de maatlijnen met andere tape en met een lat zet je een lijn uit tussen beiden punten . Je maakt het gaas langs de rand los en knipt de baffles uit over de lijn die is uitgezet en verwijder de tape.

Bepaal de lengte van iedere baffle (door de lijnen op de buitentijk te meten en trek er 3cm van af). Meet ook de lengte van de corresponderende lijnen op de binnentijk (lengte min 3 cm° en zet die beide gekoppelde maten op papier.
Maak alle baffles op maat. Je gebruikt voor iedere baffle de grootste maat.
De reststukken van het voeteinde kan je gebruiken voor de langere delen.
Met een heel losse steek en op 0,5 cm van de rand leg je daarna langs beiden zijden een naad.

Nu komt de truk:
Als je de gelegde naad bekijk zie je een lange draad. Over deze draad begin je met het fronsen van de baffle tot deze op maat is van de binnentijk. Links en rechts leg je met de draaduiteinden een knoop zodat de maat vast ligt. Tegelijk geeft die naad een goede houvast om, samen met de lijnen die op de stof zijn getekend, de stof gemakkelijk vast te spelden.
Voor alle duidelijkheid: de baffle laat je ongeveer 1,5 cm voor de ruwe uiteinden van de stof eindigen. Heel erg belangrijk is dat niet. Bij het sluiten van de quilt aan het voeteinde zal er een kleine opening blijven tussen de verschillende kamer omdat de baffles niet gesloten worden. Eenmaal gevuld zal het vrij bewegen van de donsclusters minimaal en verwaarloosbaar zijn.
Verder vond ik dat het naaien van de baffle een stuk gemakkelijker liep als ik kort op de naad over heel de lengte een stuk papier plakband plakte waar de voet van de naaimachine over kon schuiven.
Voor het naaien van de baffle aan de buitentijk was dit niet nodig daar het gaas hier strak en zonder fronsen is.
De plakband kan je meermaals gebruiken.
Zo verwerk je eerst alle baffles voor de binnentijk





Nadat alle baffles op de binnentijk zijn genaaid wordt het tijd om over te gaan naar de volgende fase.
Baffle na baffle wordt het ander uiteinde op de buitentijk genaaid.
Kon je bij de binnentijk de baffle gemakkelijk links en rechts centreren op 1,5 cm van de rand dan is dat door de kromming die de baffle nu maakt niet mogelijk.
Om de foutmarge zo klein mogelijk te maken begon ik met spelden vanaf het midden en werkte zo naar de buitenkanten toe.
De stiftlijnen op de tijk en de naad op de baffle maakt het gemakkelijk om op het rechte spoor te blijven.
Probeer ook weer op 1,5 cm van het eind te eindigen.
Desnoods frons je dat laatste stuk een beetje. Oprekken van de stof is niet altijd mogelijk.
Bij mij waren de baffles soms wat krap gemeten.
Eenmaal een baffle vastgezet, kan je nooit meer aan de vorige werken.
Zorg dus dat je een goede naad hebt gelegd eer je aan de volgende begint.
Heb je alle baffles in de binnen en buitentijk verwerkt dan is het grootste werk achter de rug.

Er bestaat nog een andere manier om de baffles te verwerken in de binnen en buitentijk. Ik heb het zelf niet geprobeerd maar de techniek waar de naad langs de binnenkant van de binnen en buitentijk komt liggen is volgens mij een stuk complexer.
Schematisch ziet het er zo uit.

Het wordt tijd om na te denken hoe je de bodem van je quilt af wil werken. Ik heb gekozen voor een rond voetstuk maar iedere vorm is mogelijk. Bepaal eerst hoe lang je gesloten deel aan de voeten moet zijn. In mijn geval is dit 90 cm.
Dit is vrij lang maar het is een bewuste keuze omdat ik op een verkorte mat slaap met een deel van de benen op mijn rugzak. Zo vermijd ik tocht.
Verbindt de twee uiteinden van de binnentijk over deze lengte met elkaar door een naad. Je zorgt er natuurlijk voor dat de ‘overlap’ langs binnen, tussen de donsclusters komt te liggen zodat je een gladde zachte en mooi afgewerkte binnenvoering hebt. Leg de naad op 5a8 mm langs de ruwe rand.

Neem een lap binnentijk stof en maak die op maat. Wil je een cirkelvorm dan meet je hoe groot de opening is van de koker die nu is gevormd.
Zo kan je de diameter bepalen. Tel ong. 1 cm bij die diameter en zet deze uit op de stof met een stift. Dit mag op de zichtbare zijde omdat deze lijn later toch niet meer zichtbaar zal zijn. Die extra cm is dan je zichtbare houvast om de binnentijk stof van de quilt mooi op vorm vast te spelden aan het sluitstuk.

Teken een tweede cirkel buitentijk stof die in diameter twee maal de bafflehoogte (2,5cm) groter is dan dan de cirkel die je daarnet hebt uitgesneden. Daarna snij je deze cirkel uit (natuurlijk niet op de getekende lijn want daar komt later een naad maar blijf een cm van de rand.
Bevestig een stuk baffle in het midden tussen de twee sluitstukken om de donsclusters enigzins onder controle te houden nadat het voetstuk is gevuld.
Spelt de voeringstof van de quilt aan het sluitstuk en naai beiden aan elkaar. Langs binnen gezien is de voet nu gesloten. Je maakt een lap buiten stof op maat. Je neemt dezelfde afmetingen als de voeringstof. Naai het andere uiteinde van de baffle vast aan de ronde lap van de quilt. Naai nu de twee delen aan elkaar en laat een opening (ik deed dat aan de onderkant) langs waar je later het dons kan vullen.
De binnenvoering had je al over (in mijn geval) 90 cm gesloten tot een cilinder. Doe nu hetzelfde met de buitenstof. Leg deze tijdelijke naad kort langs de rand. Deze naad wordt later onzichtbaar als hij bij de uiteindelijke afwerking naar binnen wordt weggewerkt. Als we later de quilt met dons gaan vullen openen we deze naad plaatselijk weer even

schematisch ziet het voeteinde er zo uit. Let op dat op deze tekening de baffle in het cirkelvormig voeteinde niet is getekend.



Is het voeteinde tijdelijk gesloten dan doe je dat ook voor het overblijvend gedeelte.
Het is misschien al een goed idee een kanaal/drain te maken aan de bovenkant van de quilt waar later een 3mm elastische draad doorheen wordt getrokken. Het is geen doorlopend kanaal maar het wordt halverwege onderbroken zodat de elastiek daar naar buiten gebracht kan worden zodat je de opening rond de nek kan dichtsnoeren.
Verstevig deze opening door de reep stof eerst een paar keer om te plooien alvorens je hem als een zoom om het ruwe uiteinde heen legt.


Het wordt tijd om de zak te gaan vullen.
Bereken hoeveel dons in ieder compartiment moet zitten.
Je hebt een digitale weegschaal nodig die tot op de gram nauwkeurig werkt.
Ik heb me een hulpstuk gemaakt om de dons relatief gemakkelijk in te brengen en wordt gemaakt uit twee PET-flessen.
De linkse fles heeft enkele gaten in de bodem. Over die bodem heb ik een zakdoek gelegd als filter. Van de rechtse fles heb ik de bodem helemaal afgesneden en over de ander fles geschoven. De dons werd afgewogen in een diepe emmer en met de mond zoog ik via de rechtse fles de dons in de linker fles om deze dan in de quilt te blazen. Als je behoedzaam werkt gaat er weinig dons lopen. In huis ging alles zijn gewone gang. Om het half uur zette ik de stofzuiger eens op de fles en ging de verloren gelopen donsclusters ophalen.
Je zou ook een stofzuiger (op een lage stand!!!) kunnen gebruiken om zuigkracht te genereren.
THV iedere baffle maak je de tijdelijke naad over een korte afstand open langs waar je de dons binnen blaast. Na vullen sluit je de naad weer.
Zo werk je verder tot alle compartimenten gevuld zijn.
Het eind komt in zicht als je begint met het leggen van de laatste naden.
Aan het voeteinde duw je de ruwe naad naar binnen en je spelt beide uiteinden aan elkaar. Doe dit zo nauwkeurig mogelijk om een mooie afwerking te krijgen. De definitieve naad leg je zo kort mogelijk langs de rand.
Mocht ik de quilt opnieuw kunnen maken dan zou ik deze naad langs de binnenkant leggen, uit het zicht terwijl de buitentijk afgewerkt zou worden zoals nu met de binnentijk is gebeurd. De quilt moet dan natuurlijk 'binnen/buiten worden gedraaid bij het vullen.
De overblijvende open delen worden op de rand twee keer omgeslagen en met een naad vastgelegd



Het halsgedeelte,dat dichtgeritst kan worden om tocht te verwijderen, daar zijn nogal wat mogelijkheden. Je kan met drukknopen werken of met een kleine gesp. Ik heb voor een 10mm gesp gekozen die aan de beide uiteinden wordt vastgenaaid. De elastiek die doorheen het kanaal loopt heb ik aan beiden uiteinden vast gemaakt. Het is misschien een goed idee om op de plaats waar je het elastiek naar buiten brengt een of ander 'handvat' te maken om ook in het donker de plek te vinden naar het elatiek. Het voeteinde is bij mijn ontwerp over een grote afstand dichtgenaaid en daarom moet ik voorlopig geen bijkomende lussen monteren om de quilt achter mijn rug te sluiten om zo tocht te vermijden. Kies je voor een dekenmodel dat over een groter gedeelte open is, dan zal je links en rechts enkele lussen moeten naaien waar je bv een elastiek doorheen rijgt (vergelijkbaar met een veter) om zo de quilt dicht te trekken als je ligt. Iedere fabrikant heeft zo zijn eigen systeem. Kies datgene wat jou het handigst lijkt. Zelf heb ik het nog niet gedaan maar het kan ook zinvol zijn om de overgang van het losse gedeelte naar de kokerte verstevigen door zowel langs binnen als langs buiten met wat stof een verstevigingsdriehoek te naaien.



Zoals altijd zou het bij een tweede ontwerp een stuk vlotter gaan en zou ik op een paar puntend afwijken van het plan zoals Roger Caffin het heeft uitgewerkt op BPL http://www.backpackinglight.com/cgi-bin/backpackinglight/MYOG_down_quilt_bag.html
Het is hier dat ik mijn mosterd heb gehaald.
Op BPL zijn er enkele andere (leesbaarder) ontwerpen te vinden mocht je geen lid zijn.
De eerste volgens hetkaro principe. Jamie Shortt heeft een handleiding gemaakt voor een zomerse quilt. Hier zijn er geen baffles in verwerkt maar is er een doorgestikte naad tussen de buiten en binnentijk.Goed voor een zomers slaapsysteem. Hij gebruikt materiaal (momentum) van thru-hiker. Je kan er zelfs een kit kopen om zelf aan het werk te gaan. Recent had ik bij thru-hiker een kit gekocht voor het maken van een donsjas. Ik moet zeggen, momentum is een heel mooie stof. http://www.backpackinglight.com/cgi-bin/backpackinglight/xdpy/forum_thread/46708/index.html
http://www.backpackinglight.com/cgi-bin/backpackinglight/xdpy/forum_thread/46105/index.html
http://www.backpackinglight.com/cgi-bin/backpackinglight/xdpy/forum_thread/42367/index.htm
http://www.backpackinglight.com/cgi-bin/backpackinglight/forums/thread_display.html?forum_thread_id=41535
Er zijn nog wel meer ontwerpen te vinden op andere sites. Een voorbeeld van outdoorseiten

Reacties

  1. Schitterend Ivo! Hoeveel uren heb je er nu in totaal aan gewerkt?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hoi Ivo,
    Mijn 1e quilt is nu ook af, op naar de tweede!
    Die type B naad voor de baffles is toch nit ingewikkeld? Je slaat de losse flap naar achteren en je kunt plat naaien. Ik snap alleen het voordeel niet helemaal, jij wel? Zou het sterker zijn? Ik vraag het me af. Ietsjes zwaarder is het wel, want het kost je meer stof.

    Nog dank voor je ideeen en tips hier op je blog.
    Groeten, Paulien

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Pauline,
      Ik heb hier een Valandre slaapzak liggen die volgens dat principe is gemaakt. Er is denk ik, een esthetisch aspect om de naad niet te zien en tegelijk ligt het naaigaren beschermd langs de binnenkant waardoor het risico op een breuk beperkt wordt. Andere voordelen zie ik niet.
      Toch denk ik dat het moeilijker werken is, zeker als je met een zgn 'differentieel cut' werkt. Je kan dan namelijk niet 'rechtdoor' naaien maar moet in een bocht naaien.Dat vraagt toch wat concentratie. Zie bv het eerste filmpje
      http://www.valandre.com/eng/Sleeping_Bags_and_Outerwear/Construction.html
      Omdat ik geen ervaren naaier ben zou ik in twee fases werken door eerst de plooi in de stof te naaien/kort tegen de rand (dat kan rechtdoor) om dan, iets verder van de rand met een tweede lijn de baffle te naaien.

      Verwijderen
  3. Beste Ivo,
    Ik ben ook aan het overwegen om een eigen quilt te maken, vermoedelijk wel gevuld met climashield apex ipv dons.
    Ik gebruik jouw werkwijze als basis (waarvoor dank).
    Nog een vraag: de ripstop nylon die jij gebruikt als buitentijk is momenteel bij extremtextil te verkrijgen in 10D. Vind jij dit niet te kwetsbaar? Of gebruikte jij deze ook?
    Is er trouwens iets op tegen om voor de buitentijk hetzelfde materiaal te gebuiken als voor de binnentijk? (taffeta 20D)
    Alleszins al bedankt voor het antwoord.
    Michel

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Michel,
      nog nooit 10D stof gebruikt. Altijd al 20D. Ik hou er niet van om de ondergrens af te tasten maar het is wel mogelijk. Groot probleem bij extremtex. is dat de voorraden nogal wisselen en je niet altijd zicht hebt op de eigenschappen. Taffeta kan je volgens mij ook gebruiken voor buitentijk maar deze zal vermoedelijk minder "waterafstotend" (een eigenschap die ook niet eeuwig is) Het grote voordeel van synthetische isolatie is dat je vrij gemakkelijk er een andere "hoes" rond kunt maken. Ik heb echter nog nooit gewerkt met dergelijk materiaal (het belang van de isolatie toch goed te fixeren). Lees de gedachten van volgende fabrikant er ook eens op na wat stofkeuze betreft. http://www.enlightenedequipment.com/prodigy/
      Ik ben zelf actief lid op http://hikingadvisor.be/forumoverzicht/. Daar zit wat volk die een eigen synth. quilt heeft gemaakt. Kan nuttig zijn de vraag daar ook te stellen.

      Verwijderen

Een reactie plaatsen

Populaire berichten